One Nite Alone… Live! – The Aftershow: It Ain’t Over! (2002)

Jaren hebben we moeten wachten op een live-album van Prince, dus áls er dan eentje komt, hoort daar ook een aftershow bij. In die zin voldoet de One Nite Alone… Live!-box waarvan we tien dagen geleden de ‘main show’ bespraken volledig aan de verwachtingen. Maar doet de toegift die de extra cd is dat ook?

MK: “Na de show komt de aftershow. Die gedachte is op de een of andere manier onlosmakelijk verbonden met Prince. Al zijn er gek genoeg veel tours geweest waar de aftershows eerder een intiem feestje zonder optredens of optredens zonder of heel even met Prince waren, of ook waar hij helemaal geen aftershows speelde. Als je er zo over nadenkt, is het eigenlijk best bijzonder dat Prince een haast mythische status toebedeeld heeft gekregen als het om aftershows gaat.”

EK: “Hij heeft zelf de mythe maar al te graag in stand gehouden, maar feit is wel dat het speciale er na de eeuwwissel inderdaad wel vanaf was. Al moet ik er ook bij zeggen dat hij na 2010 eigenlijk amper meer aftershows deed en die perceptie hebben vel mensen door de kleinschalige shows in bijvoorbeeld Amsterdam in 2011 en 2013 (strikt genomen losse concerten) in het geheel niet.”

MK: “Natuurlijk, nu heeft hij ook wel een aantal memorabele aftershows gebracht. Zoals die in Camden, Londen tijdens de Lovesexy Tour. Of die in Het Paard van Troje, Den Haag, in de meeste gevallen de favoriete aftershow van menig Prince-fan.”

EK: “Ik kan er zo nog een aantal noemen. Feit is dat die feestjes na afloop van een concert met veel mysterie omgeven waren. De magie van ‘erbij zijn’ is veel groter dan dat je net als de massa gewoon een kaartje hebt gekocht. Iedereen kon bij de gewone shows zijn, maar die aftershows…”

MK: “Dat zeker, maar die status is ook vooral te danken aan de muzikaliteit. Het feit dat Prince zich lekker ontspannen door covers en obscuurder eigen materiaal werkte, onvermoeibaar leek en natuurlijk ook liet zien wat hij kon.”

EK: “Ten tijde van de One Nite Alone… tournee, was het al meer een verdienmodel geworden. Wat ik overigens opvallend vind, is dat in die periode de fans die lid waren van de NPG Music Club ook aanwezig mochten zijn bij de soundchecks, wat in feite ook vaak miniconcerten waren. In de box waar deze aftershow-cd in zit, had in feite een soundcheck-cd ook niet misstaan! Afijn…”

MK: “Toch is het logisch dat er in de set nog wel een extra schijfje zit. Waar de meeste aftershows uiteindelijk wel als bootleg circuleren, in kwaliteit variërend van uitstekend tot abominabel, bevat de One Nite Alone… Live! box ook een cd met opnames van diverse aftershows, waarvan Prince er zowel tijdens de Amerikaanse als Europese One Nite Alone… tours flink wat speelde, en die vaak zeer goed waren. Nu vind ik het net als bij de ‘regular’ show ook een manco, dat het niet een opname van één aftershow is, maar een compilatie van nummers van verschillende shows -zij het dat het wel zo goed gemixed is dat je dat bijna niet hoort.”

EK: “Ik vind dat niet zo’n bezwaar, tenminste… als het goed gebeurt. Bij de reguliere concertcompilatie heeft men een show gereconstrueerd door de beste of meest interessante uitvoeringen van nummers die gedurende de shows zijn gespeeld samen te ballen. Er is echter niet iets als ‘de standaard aftershow’. Er valt dus weinig te reconstrueren. Dan zou je toch zeggen dat je er een ultieme versie van samenstelt? Is dit er eentje die zich kan meten met bootlegs van complete shows uit die periode of zelfs beter is?”

MK: “Precies of zelfs breder. Als je deze schijf dan beschouwt als één aftershow, is het dan minstens net zo goed als bijvoorbeeld (de opname van) de Paard van Troje aftershow? Ik vind van niet. En ik denk dat ik wel weet waar dat nou aan ligt. Maar daar kom ik later nog op terug. Aan de gespeelde nummers ligt het in ieder geval niet. Althans, aan de meeste niet. Joy In Repetition, dat de ‘aftershow’ opent, is namelijk een fantastische versie, met name door het geweldige gitaarwerk. Nu is mijn mening misschien wel wat gekleurd hoor, Joy In Repetition is sowieso een favoriet nummer van me, en voor mij is een (after)show direct al geslaagd als hij dit speelt. Toch is dit ook een van mijn favoriete uitvoeringen; lang uitgesponnen, de spanning opbouwend en die spanning dan meerdere malen tot uitbarsting laten komen door vlammende solo’s. Bijna 11 minuten essentiële Prince-kost, die voor mij makkelijk nog wel 11 minuten extra had mogen duren.”

EK: “Helemaal mee eens. Dit is een klassieker die wat mij betreft ook een heel eigen plek in het Prince-universum verdient naast de uitgebrachte studioversie die ook niet te versmaden is. Wat ik er zo fantastisch aan vind is dat de opbouw heel gestaag is. Prince stelt zijn band voor en zegt dat we hen stuk voor stuk Joy In Repetition zullen zien spelen. Vervolgens volgt na de ‘turn it up’ opmerking een verzengende gitaarsolo die keer op keer mijn nekharen recht overeind zet. Pas na een minuut of vijf gaat het gas weer terug en dan begint eigenlijk het daadwerkelijke nummer pas. Vervolgens komt er nóg zo’n gierende solo. Draag mij maar weg hoor, wát een opener!”

MK:We Do This, met George Clinton op lead vocals, is daarna een kleine domper. Het is niet meer dan een veredelde jam en -naar ik begreep- een cover versie van I Do, Do This van Clinton’s kleindochter Sativa. Daarnaast is er ook flink in gesnoeid, want de volledige versie die eigenlijk werd gespeeld bevat een gastbijdrage van Doug E. Fresh die onder meer stukjes uit La-Di-Da-Di rapte. Al ben ik er eerlijk gezegd niet bepaald rouwig om dat Prince dat uit de officieel uitgebrachte versie heeft gelaten. Hoe dan ook, We Do This is best aardig, het funkt lekker weg, de typische, raspende vocalen van Clinton zijn ook best okee, maar het ontbreekt iedere vorm van spanning die Joy In Repetition bijvoorbeeld wel heeft.”

EK: “Het is dezelfde show als opener Joy In Repetition overigens, de oorspronkelijke opbouw was na de opener Talkin’ Loud And Sayin’ Nothing, Pass The Peas en dan door met We Do This om na het door jou genoemde segment nog enkele nummers om vervolgens uit te komen bij Just Friends (Sunny)/If You Want Me To Stay. Wat in het echt bijna een uur duurde, is hier teruggesnoeid tot een minuut of twintig. Als we het dan toch net hadden over superieure bootlegs, luister deze hele show eens terug en dan hoor je dat deze tracks in de bredere context veel beter werken. Juist ook omdat je als luisteraar langer in de grooves kan blijven hangen en mee wordt genomen in het speelplezier, dat hier toch wat fragmentarisch overkomt.”

MK: “Maar ook muzikaal vind ik. Op Just Friends (Sunny)/If You Want Me To Stay neemt de voor mij onbekende zanger Musiq Soulchild (samen met ?uestlove) de lead vocals voor zijn rekening. Het klinkt wel aardig, Musiq’s stem en flow zijn best fijn, maar het is allemaal wat te clean in mijn oren. En ik heb Prince wel eens betere covers van Sly And The Family Stone horen doen dan deze uitvoering van If You Want Me To Stay.”

EK: “Ik vind ‘m wel fijn, maar ook hier geldt dat ik de meer uitgebreide versie op de bootlegversie van dezelfde opname prefereer. Er is duidelijk gesleuteld aan de track, die ook nog eens is ingekort. Maar eens, het is niet bijster memorabel.”

MK:2 Nigs United 4 West Compton is dan weer een stukje interessanter. Het is een volledig andere versie dan die op The Black Album staat, en het is dat Prince het zelf roept op de track, anders had ik ‘m niet als zodanig herkend. Maar ik vind het wel een fijne uitvoering, vol funky gitaar-, toetsen- en blazerswerk; ik hou wel van het jazz-funk gefreak van Prince en zijn band. Al kan ik me voorstellen dat de ‘casual’ Prince fans of nieuwsgierigen hierbij wel zijn afgehaakt.”

EK: “Ergens vind ik dat het nummer de naam niet mag dragen, het is inderdaad een volledig ander nummer. Ik vind het wel te gek dat je hier bij uitstek hoort hoe Prince en band op zo’n avond gewoon lekker aan het jammen zijn. Ze volgen elkaar, buitelen muzikaal over elkaar heen, dagen elkaar uit en zoeken het avontuur. Het maakt dat de rode draad maar lastig te vinden is, maar het blijft ook avontuurlijk om naar te luisteren.”

MK: “Ook Alphabet St., waar 2 Nigs naadloos in overgaat, en in hetzelfde tempo gespeeld als 2 Nigs United 4 West Compton, is vrijwel onherkenbaar totdat Prince begint te zingen. Pas later herken je de riffjes, dit keer gespeeld door blazers, die Prince toevoegde aan de 12” en diverse live-versies van ’88 en ’90. Goed gedaan vind ik, en dat toont voor mij de echte muzikant die Prince was: dat hij in staat was een enorm bekend nummer een compleet ander jasje te geven, met in dit geval zelfs een country feel -wat Prince ook zelf erkent als hij ‘Yeah, I like country music too!’ roept tijdens het spelen van een riff op gitaar.”

EK: “En dan te bedenken dat Alphabet St. ooit als bluesnummer is gestart. Ook hier hoor je dat losse. Je hoort bijvoorbeeld dat Prince het tweede couplet instart als de band het nog niet verwacht en men als de sodemieter moet bijsturen en tegen het eind in een algemene jam blijft hangen tot Prince het eindsignaal geeft. Persoonlijk ben ik meer van een wat strakkere en meer kale versie van dit nummer. Maar deze uitvoering vind ik ook prima.”

MK: “Ook Peach is volledig anders dan de studioversie die Prince uitbracht in 1993. Met dat nummer heb ik persoonlijk nooit zoveel gehad. Maar met deze versie des te meer, een extended funk jam, bijna half zo langzaam gespeeld als het origineel, die eindeloos doorgaat en waarbij ik niet blijven stilzitten. Ik geef toe, ik dacht in eerste instantie: wat is hier nou Peach aan? Tot Prince op 5 minuut 19 ‘turn around!’ roept en de band de openingriff van Peach speelt. Maar als je denkt dat ze het nummer dan ook echt gaan spelen, heb je het mis; het blijft nog even zo doorfunken als de JB’s in hun beste jaren.”

EK: “Ik vind het begin heel tof, als het heel duidelijk een onderonsje tussen Prince en band is, alsof ze in de oefenstudio staan. Op een gegeven moment zegt hij zelfs tegen het publiek dat er even niets te zien is op het podium en dat men zichzelf maar even bezig moet houden. ‘Y’all just party where you are!’ Op dit punt van de live-cd kom ik er wel in en het toont juist aan dat de tracks gaan leven als er in tegenstelling tot in het begin van deze schijf niet de schaar in wordt gezet.”

MK: “‘It ain’t over!’, roept Prince een paar keer (en waar de subtitel van deze schijf dus aan is ontleend), en dat klopt. Prince en zijn band nemen de tijd, trombonist Greg Boyer steelt de show met een trombone-solo, zó lekker! Voor mij prima dat deze funk jam maar weinig met Peach te maken heeft, haha!”

EK: “Boyer steelt de show ook al in Alphabet St. trouwens, zit ook een heerlijke solo in!”

Uit het One Nite Alone...Live booklet (2002, NPG Records)
Uit het One Nite Alone…Live booklet (2002, NPG Records)

MK: “Net als Joy In Repetition is ook The Ballad Of Dorothy Parker een absolute Prince-favoriet van me. En ook in het geval van Dorothy Parker ga ik finaal voor de bijl als hij het live speelt, en dat heeft hij niet zo vaak gedaan. Dat hij er meer een latin-jazz feel aan geeft, vind ik dan ook absoluut niet erg, als is het bepaald niet mijn genre. Feit is wel dat het wel past bij het nummer, zeker als Renato Neto losgaat op zijn keyboards. En vooral de laatste paar minuten is het fijn dat Dorothy Parker transformeert in een funky jam met vooral fijn baswerk van Rhonda Smith. Ook hier geldt dus weer: razend knap dat Prince aan bepaalde nummers een compleet ander gevoel kan geven en zichzelf telkens weer opnieuw uitvond.”

EK: “Niks meer aan toe te voegen, behalve dat ik nog even wil zeggen dat ik het moment dat de blazers invallen na Renato Neto’s keyboardsegment fantastisch vind. Het glijdt daarvandaan zo natuurlijk die funky jam in die jij benoemt. En het eind is lekker, het publiek dat Dorothy Parker blijft scanderen en dat het nummer meedeinend op hun gezang wordt beëindigt.”

MK:Girls & Boys dan. Normaal gesproken zou ik blij zijn als Prince ook deze tijdens een show zou spelen. Maar waar Peach en Dorothy Parker een meerwaarde krijgen door de totaal andere arrangementen, lijdt Girls & Boys hier juist onder. Het lijkt mij teveel op de uitvoering van Peach op deze schijf. In het umfeld van de volledige aftershow waar het vanaf is geplukt zou het waarschijnlijk geen probleem zijn, maar nu valt het teveel op dat Peach en Girls & Boys dezelfde aanpak krijgen. Alsof het een soort formule of stramien is. En dit keer vind ik het zonde dat dit met Girls & Boys gebeurt, ik had veel liever een versie gehoord die dichter bij het origineel lag -al hoor je her en der de (blazers-)riffjes terugkomen waar het nummer om bekend staat. Maar tussen het keyboard-gefreak helaas te weinig, ook wat betreft vocalen.”

EK: “Het zijn ook twee verschillende opnames. Tijdens de show waar Peach is opgenomen, is Girls & Boys niet gespeeld. Andersom wel, maar in die setting was Peach volgens mij gewoon de rocker die we kennen. Ik vind deze Girls & Boys ook iets te algemeen. Het kabbelt teveel en pakt me nergens, al moet ik zeggen dat als na ruwweg vier en een halve minuut als Prince invalt op gitaar en de blazers daar de bekende Girls & Boys-partijen overheen zetten ik heel even opleef. Maar de opleving is van korte duur.”

MK: “De schijf sluit, waarschijnlijk zoals veel aftershows van de One Nite Alone… tour, af met de vamp van The Everlasting Now.”

EK: “Valt wel mee, gebeurde in totaal driemaal. Maar goed…”

MK: “Oh, dat valt mee, maar het is in ieder geval een bekend truukje om via een eerder gespeeld thema een soort round-up te doen. En dat is het hier ook, niets meer en niets minder. Leuk om het echt een live-gevoel te geven, maar meer ook niet. ‘It ain’t over’, wordt er voor de zoveelste keer gescandeerd, maar dat is het wel degelijk.”

EK: “Gek hè? Ook tijdens de show waar het is opgenomen was dit gewoon de laatste track.”

MK: “Concluderend kan ik zeggen dat One Nite Alone… Live! – The Aftershow: It Ain’t Over! een aardige, maar slechts deels geslaagde poging is om de opwinding van een Prince-aftershow vast te leggen. Als Prince het op zijn heupen had, zoals in Joy In Repetition op deze schijf, snakte je na afloop naar adem. Maar als hij er minder zin had, hoorde je dat ook meteen.”

EK: “Klopt en hier heeft men de begeesterde tracks tussen nummers die als verplicht nummer klinken gegooid. Of verminkt. In die zin een best vreemde release.”

MK: “Inderdaad en tijdens die meer verplichte aftershows werden het toch een beetje plichtmatige bedoeningen, die uitmondden in ellenlange en oeverloze jams die op bepaalde punten op elkaar leken en daarmee inwisselbaar waren. En helaas is dat ook op One Nite Alone… Live! – The Aftershow: It Ain’t Over! te horen. Soms pakken die jams goed uit, zoals bij 2 Nigs United 4 West Compton, Peach en Alphabet St., maar ook net zo vaak minder goed, zoals bij Girls & Boys.”

EK: “Mijn persoonlijke hoogtepunten zijn dan ook de opener en het segment van 2 Nigs United 4 West Compton tot en met Peach. Al blijf ik bij de overtuiging dat er uit het hele openingssegment meer te halen was geweest als daar niet zo bruusk de schaar in was gezet. Onbegrijpelijk, daar er toch nog zeker 20 minuten extra ruimte op de cd is die niet is benut.”

MK: “Ik denk dat ik met ‘plichtmatig’ het pijnpunt te pakken heb waar het op deze cd -en ook tijdens vele aftershows van de One Nite Alone… tour én daarna- aan schort. Prince speelde er tijdens vooral die tour zo veel, en waarschijnlijk met de beste bedoelingen, dat de nieuwigheid er wel een beetje af was. Het was niet meer bijzonder, zoals dat tijdens de Parade-, Sign “O” The Times– en Lovesexy tours wel was omdat hij er maar een paar speelde. Daarin werd alle energie en adrenaline van de reguliere shows en de verveling van het tour-leven losgelaten in een handjevol aftershows, die daarmee stukken explosiever waren en legendarisch werden. Ik denk dat Prince er simpelweg gewoon teveel speelde in 2002. En hoe goed sommigen ook waren (zoals die in Club Vega in Kopenhagen of Bataclan in Parijs), een groot aantal liet een minder geïnspireerde Prince horen die zich verloor in jams waarbij niet zo heel veel spannends gebeurde (zoals dat wel gebeurde in de openingstrack of People Without van de Paard van Troje show). En het is best pijnlijk dat dit op deze cd is vastgelegd -en in latere jaren niet veel beter werd- uitzonderingen daargelaten.”

EK: “Ik kan me deels vinden in die conclusie, al is het maar omdat segmenten die voor mij tot de hoogtepunten behoren (2 Nigs United 4 West Compton, Alphabet St.) en de stukken die ik te flauw voor woorden vind (de laatste tracks) uit exact dezelfde show komen. Daarnaast, er zit 14 jaar tussen Het Paard en hetgeen we hier horen. In die tijd is veel veranderd. In 2002 was Prince op een creatieve piek, die ook op de podia enorm goed naar voren kwam. In totaal heeft hij tijdens de 2002 tour 16 aftershows gedaan, dat valt best mee. Ter vergelijking, in 1988 waren ze zeldzamer maar waren het er alsnog acht. Daar zijn er ook ‘maar’ twee legendarisch van geworden vanwege hetgeen is gespeeld, de rest was ook meer generiek. Ik vermoed eerder dat deze aftershow-cd tegenvalt omdat deze er niet in slaagt een consistent gevoel op te roepen dat de magie van zo’n avond vangt. Dat had ondervangen kunnen worden door een betere en minder gefragmenteerde selectie, of door gewoon één complete show uit te brengen. Nu is het een luisterervaring die niet de voldoening geeft waar je na de fabelachtig prachtige opener op hoopt.”


PP028_IAO_cdOne Nite Alone… Live! – The Aftershow: It Ain’t Over!

  1. Joy In Repetition
  2. We Do This (met George Clinton)
  3. Just Friends (Sunny)/If You Want Me to Stay (met Musiq)
  4. 2 Nigs United 4 West Compton
  5. Alphabet St.
  6. Peach (Xtended Jam)
  7. The Ballad Of Dorothy Parker
  8. Girls & Boys
  9. The Everlasting Now (vamp)

Release: 17 december 2002
Hoogste albumlijstnotering in Nederland en België: — (NL) | — (BE)
Waardering: **
Essentiële nummers: Joy In Repetition, 2 Nigs United 4 West Compton, Alphabet St.

One Nite Alone… Live! luisteren of kopen:

3 gedachten over “One Nite Alone… Live! – The Aftershow: It Ain’t Over! (2002)

  1. Goed geschreven, maar niet helemaal mee eens – conclusie, geen goede aftershow meer na 2000. Rotterdam Nighttown 2002 was ge-wel-dig. En ook in Londen 2007 waren ee zeker drie op de toppen van zijn kunnen!

  2. Deze aftershow compilatie geeft mij niet het gevoel die de “echte” aftershows me geven. Daar is het een kloppend geheel en dit is samengestelt. De flow klopt niet. Er zitten ook teveel bekende nummers in, terwijl Prince juist in de aftershows vaak nummers van anderen speelde.
    Tijdens een van de ONA shows in Ahoy speelde “Joy” over de PA en dat klonk zo hard en goed dat ik echt even dacht dat hij ging beginnen en ergens achter het podium alvast was begonnen met spelen. Maar nee. Wel een topversie van dit nummer.

Geef een reactie